|
|
Verhuist boomvalk door sterke buurman?
De boomvalk is een rappe, ranke roofvogel,
die kleine vogels en grote insecten uit de lucht weet te grissen.
Onder roofvogelaars - de Werkgroep Roofvogels Nederland heeft 1700
leden - is al jaren te horen dat deze vliegkunstenaar drastisch
zou afnemen. Zo was de Veluwe midden jaren '70 een bolwerk van de
soort met meer dan 100 paartjes: nu is de boomvalk er nagenoeg verdwenen.
Ook in Drente is hij amper meer te zien of horen boven zijn klassieke
broedgebied: naaldbossen gecombineerd met heide en vennen. In andere
landschapstypes wordt geen achteruitgang van de boomvalk gemeld.
De situatie in het Rijk van Nijmegen, met een keur aan Nederlandse
landschappen, lijkt indicatief voor het landelijke beeld. Het aantal
boomvalken lijkt weinig te zijn afgenomen in de afgelopen 25 jaar.
Maar hun verspreiding is wel duidelijk verandert (zie kaart). Globaal
bleven 13 lokaties gelijk. Er gingen acht broedlokaties verloren,
die allemaal ten zuiden en zuidwesten liggen van Nijmegen, terwijl
alle acht nieuw verworven broedplekken ten noorden en oosten van
de Keizerstad liggen. De boomvalk schoof daarmee op van de beboste
zandgronden naar de meer open, agrarische rivierkleilandschappen.
Hoe kan deze verschuiving verklaard worden? Roofvogelexpert Rob
Bijlsma wees al eens naar de havik als mogelijke hoofdverantwoordelijke.
Relatie boomvalk- en havikpopulatie
De havik is Nederlands' gevleugelde toprover met een lengte van
60 centimeter en een twee maal zo grote spandwijdte. De klauwen
van het grotere vrouwtje zijn krachtig genoeg om hazen te doden
van drie keer haar eigen gewicht. Haviken doden zelfs uilen en roofvogels,
waaronder sperwer en boomvalk. Volwassen valken worden wel 'ns in
volle vlucht geslagen, maar veel vaker dienen de jongen als havikvoer.
De oudervalken reageren paniekerig op een overvliegende havik, die
tot wel een kilometer van het nest luid roepend wordt achtervolgd.
Het kost boomvalken dus extra energie en stress om te broeden in
'havikgebied'. Haviken zijn echte bosbewoners. Tussen 1975 en 2000
steeg hun aantal in Nederland van 450 naar 1800 paartjes door het
toenemen en ouder worden van het Nederlandse bos, het verbod op
pesticiden eind jaren '60 en het minder schuw worden van deze eeuwenlang
zwaar vervolgde vogel. In 1974 werd het eerste haviksnest gevonden
bij Nijmegen. Het aantal paren groeide vervolgens gestaag naar 11-14
in de 3300 hectare beboste zandgronden ten zuiden van Nijmegen.
Daarmee komt de havikdichtheid hier op minimaal 1 paar per 300 hectare.
In het overige deel van het Rijk van Nijmegen broeden slecht drie
paartjes haviken: 1 paar per 9000 hectare. De boomvalk lijkt te
zijn opgeschoven van gebieden met een hoge naar gebieden met een
lage havikdichtheid. Waarschijnlijk is dit een landelijke trend:
boomvalken worden steeds meer gevonden in populierenrijen, op hoogspanningsmasten,
langs sportvelden en in grote steden. Overigens wordt daarnaast
een afname geschat van 1700 naar 1000 paar boomvalken in ons land:
bedenk daarbij wel dat de meeste karteerders systematischer zoeken
naar roofvogelnesten in bossen dan in cultuurlandschappen.
Foto boomvalk: Foto Natura, G. Robbrecht
heeft fraai foto's, evenals Huub Hunneker. Mooi zou zijn een boomvalk
in cultuurlandschap, broedend in hoogspanningsmast (daar zijn foto's
van)
Foto Havik in bos: ook Robbrecht en Wim Weenink
|
|
|